Vlekkenkaarten

TNO heeft per typologie voor heel Groningen de gevolgen van aardbevingen berekend en hiervan een vlekkenkaart gemaakt. In deze kaart is alle informatie opgenomen van de ondergrond en de mogelijke kracht van aardbevingen.

De bouwkundige stelt eerst vast in welke typologie het gebouw valt. Daarna bepaalt de plek van het gebouw op de vlekkenkaart of het gebouw voldoet aan de veiligheidsnorm. Valt een gebouw in de vlek op de vlekkenkaart? Dan voldoet het gebouw niet aan de veiligheidsnorm. Versterkingsmaatregelen zijn dan nodig. 
 

Hoe maken we vlekkenkaarten?

Voor het maken van de vlekkenkaarten zijn de kaarten gebruikt van de Nederlandse Praktijkrichtlijn aardbevingsbestendig bouwen (NPR 9998). Deze kaarten zijn gemaakt door onafhankelijke experts. In de vlekkenkaarten zit onder andere informatie over de  gaswinning, de aardbevingsbelasting en de grondsoorten. Het gebied in de vlekkenkaart is in ongeveer zesduizend vierkante vlakjes verdeeld. Hierdoor kan de hoeveelheid complexe berekeningen beperkt worden. Daardoor ontstaan vlekkenkaarten met randen die de vorm hebben van een vierkant. Ook in de vlekkenkaarten zijn veiligheidsmarges meegenomen. Door deze veiligheidsmarges weten we zeker dat gebouwen van een bepaalde typologie buiten de vlek voldoen aan de veiligheidsnorm.

Waar vindt u de vlekkenkaarten?

De vlekkenkaarten van TNO vindt u op het dashboard van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. 

Ingewikkelde berekeningen voor de vlekkenkaarten

Voor het maken van de vlekkenkaarten zijn berekeningen nodig. Deze berekeningen worden gemaakt met modellen die elkaar opvolgen. Dit noemen we ook wel een modelketen. Voor de vlekkenkaarten worden de volgende modellen gebruikt:

  1. Seismisch bronmodel
    Het seismisch bronmodel berekent hoeveel aardbevingen verwacht worden met welke zwaarte. Hierbij wordt rekening gehouden met de hoeveelheid gaswinning en de drukverdeling door deze winning in het Groningenveld.
  2. Grondbewegingsmodel
    Het model voor de grondbeweging berekent hoe sterk de grond beweegt bij een aardbeving. Dit heet ook wel het trillingsniveau op maaiveld. Maaiveld wil zeggen de bovenkant van de grond waar het gebouw op staat. Bij dit model wordt rekening gehouden met de zwaarte van een aardbeving.
  3. Schademodel
    Het schademodel berekent de kans dat een gebouw instort door de trillingen door een aardbeving.
     
Vergroot afbeelding
Modelketen van TNO voor de vlekkenkaarten

Laatste update: 27-05-2022